PDD-NOS

De pervasieve ontwikkelingsstoornis niet anderszins omschreven (PDD-NOS) werd in de DSM-IV-TR omschreven als een diagnose binnen het autismespectrum. Tot de categorie PDD-NOS behoren de atypische autismebeelden die niet voldoen aan de criteria voor een autistische stoornis omdat ze:

  • zich pas op latere leeftijd voordoen
  • een atypische symptomatologie kennen die niet herkenbaar is als tot het autisme behorend
  • te weinig symptomen vertonen

     

Mensen met PDD-NOS voldoen niet aan de criteria voor een specifieke pervasieve ontwikkelingsstoornis, schizofrenie, schizo-typische persoonlijkheid of ontwijkende persoonlijkheidsstoornis. PDD-NOS is in feite een restcategorie en wordt daarom wel de verlegenheidsdiagnose genoemd. Hiermee wordt bedoeld dat er nog geen duidelijke uitspraak gedaan kan worden of de persoon beantwoordt aan de criteria van een specifieke diagnose binnen het autismespectrum. Dat kan komen omdat men niet over voldoende informatie beschikt of omdat er geen informatie over de kinderjaren meer beschikbaar is. In mei 2013 is de DSM IV-TR vervangen door de DSM-5. In de DSM-5 is pervasieve ontwikkelingsstoornis (PDD-NOS) niet meer opgenomen als aparte classificatie. De meeste mensen met deze stoornis vallen in de terminologie van de DSM-5 onder de classificatie autismespectrumstoornis. Een gedeelte van deze groep zal volgens de DSM-5 geclassificeerd worden als sociale communicatiestoornis.